< terug

Verhaaltje bij het doosje met Arabische letters en pizza

Ver voordat het multiculturele drama in Nederland onder woorden werd gebracht, reisde ik met een Marokkaans gezin naar Marokko. In het begin van de jaren tachtig bracht ik een zomer door in het kleine thuisdorp van de vrouw die ik in Nederland taalles gaf. Ik was vooral benieuwd hoe de vrouwen in Marokko leefden, dus heb ik drie maanden doorgebracht in keukens, op erven en op de platte daken van huizen want daar leefden de vrouwen. Ik kon dit alleen zo doen omdat ik een aardig mondje Marokkaans sprak. Ik voegde mij naar het leven van de vrouwen wat betekende dat je de hele dag bezig was met eten klaarmaken, de was doen en voor kinderen zorgen. Je was nooit alleen, altijd in gezelschap van veel andere vrouwen, dus het was ook heel gezellig. Een heel enkele keer gingen we uit. Opgepropt in een auto reden de mannen ons naar de grote stad. Daar stapten de mannen uit om cadeautjes te kopen, wij vrouwen bleven in de auto zitten wachten tot ze, soms na uren, terugkwamen. Vervreemding is het woord dat het beste uitdrukt hoe ik mij voelde na enkele weken. Ik deed erg mijn best erbij te horen en dat lukte aardig. Maar dat betekende ook dat ik dingen deed en bijna gewoon begon te vinden die thuis, in Nederland, ondenkbaar waren. Toen ik weer terug in Nederland was en mijn eigen manier van leven weer oppakte raakte ik vervreemd van mijn vriendin. Wat ik in Marokko accepteerde en in zekere zin ook respecteerde als ‘hun manier van leven’, kon ik in Nederland amper verdragen. En zo was ik niet langer één van hun. In plaats van dat deze zomer onze vriendschap verdieping had gegeven, waren we vervreemd van elkaar.  
 

Adrianne Dercksen